nul op de meter

Energieproducent Essent is redelijk succesvol met haar ‘groene leningen’. Die worden samen met ALFAM Consumer Credit aangeboden aan particulieren die duurzaam willen investeren in hun huis. Inmiddels zijn er meer dan 5000 aanvragen binnen gekomen en dat is een fors aantal.

De rente die betaalt moet worden, ongeveer 6% staat gedurende de gehele looptijd van de lening vast. De gemiddelde lening die wordt afgesloten is circa 2600 euro. Essent stelt dat de financiering van de investeringen geen probleem is. De besparingen die worden gerealiseerd zijn altijd groter dan de rentekosten die betaald moeten worden na het aangaan van de lening.

En alhoewel aan het einde van de lening een restschuld overblijft (u betaalt niet alleen rente maar moet ook het leenbedrag terugbetalen) valt daar wat voor te zeggen. Een bijkomend voordeel is dat u met uw lening sneller ‘duurzaam bent’.

Er is ook een andere, minstens even leuke manier van investeren. En die werkt als volgt. Allereerst begint u vandaag met het naar beneden brengen van uw gas en elektriciteitsveruik. Thermostaat lager, sluipverbruik elimineren, er zijn honderden manieren om dit te bewerkstelligen, internet staat er vol mee. Verder gaat u met onmiddellijke ingang alles wat in huis vervangen moet worden omdat het kapot gaat of aan vervanging toe is, vervangen door een duurzame variant. U koopt alleen nog spaarlampen of ledlampen. En u let als de vaatwasser kapot is bij de aanschaf van een nieuwe niet alleen op de prijs maar ook op het stroomverbruik van het apparaat.

U gaat uw verbruik nauwkeurig registreren en analyseren. Op een gegeven moment ziet u de eerste resultaten en dan wordt verder besparen gewoon ‘sport’ een hobby zo u wilt. Het is voor de meeste mensen niet eens zo moeilijk om het verbruik met 30-35% te laten dalen in een jaar, en nog eens 20% in het jaar daarna. En dat alles door bewuster met energie om te gaan, zonder grote investeringen te doen.

Na een jaar volgt onvermijdelijk een fikse teruggave van het energiebedrijf. En het geld dat u terug krijgt investeert u direct in verdere energiebesparende middelen (houtkachel, zonnepanelen, zonneboiler, WTW voor de douche, een nieuwe HR ketel voor de CV etc.).

Naarmate de jaren verstrijken wordt ‘verduurzamen’ zonder nieuwe aankopen te doen steeds moeilijker, wie het eerste jaar 35% bespaart, heeft in het tweede jaar zeker een procentueel kleinere besparing. Alles wat gemakkelijk gerealiseerd kan worden is dan al gebeurd. Toch zult u er versteld van staan met hoeveel minder energie u er kunt komen. En dat alles zonder noemenswaardig aan comfort in te leveren.

En het milieu? Dat vaart er wel bij. Vandaag beginnen dus. En wie wil bijlenen om het proces te versnellen, die kan dat gewoon doen.

Wie investeert in zonnepanelen krijgt doorgaans nogal wat vragen voor de kiezen. Meestal zijn die kritisch van aard. Want wie zonnepanelen heeft kan niet rekenen en is een groene milieufreak? Of niet soms? Feit blijft dat er aan het imago van zonnepanelen en hun bezitters nog wel het een en ander te verbeteren valt. Maar het tij lijkt te keren.

De publieke opinie keert langzaam. Maar wel ten voordele van de zonnepanelen. Wanneer er ergens subsidies worden verstrekt op het plaatsen van zonnepanelen komen er bijna altijd teveel aanvragen binnen. Het maakt niet uit of dat op gemeentelijk, provinciaal of landelijk niveau is. Altijd zijn er meer gegadigden dan dat er subsidiemogelijkheden zijn.

Daarnaast zagen we in 2010 de opkomst van de eerste grote niet gesubsidieerde projecten die, ondanks dat er geen bijdrage van de overheid was, toch een succes werden. Er is dus belangstelling genoeg, en steeds meer mensen zetten hun belangstelling om in concrete aankopen. En dat is goed nieuws voor het milieu en voor de bezitters van panelen, die eindeloos vragen moeten beantwoorden over de terugverdientijd (TVT) van hun panelen.

Terugverdientijd

Meer dan 80% van de vragen die belangstellenden stellen gaan over de terugverdientijd van de investering. ‘Hoe lang duurt dat nu voordat je geld verdient aan deze panelen’ of ‘heb je ze al terug verdiend?’. En natuurlijk is de terugverdientijd van belang voor wie duurzaam gaat investeren. Maar niet het belangrijkst. Dat is het milieu en de manier waarop wij daarmee omgaan.

Over die terugverdientijd wordt wat afgepraat en geschreven. Vaak gebruiken degenen die zich hierover druk maken de verkeerde uitgangsgegevens. Netto contante waardes, afschrijvingstermijnen, vermeende toekomstige prijsstijgingen van de energie, het komt allemaal voorbij. Om uiteindelijk op een terugverdientijd uit te komen van zes jaar, of acht jaar. Niet wetend of de panelen 15, 20 of 25 jaar meegaan.

Tijd voor een andere benadering. Wie anno 2011 scherp inkoopt heeft voor circa 1250 euro een 555 WP set in huis. Deze set maakt stroom. Wanneer we kijken hoe lang de set meegaat zien we dat de stroom die we zelf opwekken ons ongeveer 15 cent per KW kost. Wie nu energie inkoopt bij een elektriciteitsleverancier betaalt ongeveer 23 cent per KW. En dat is aanzienlijk meer. Deze 23 cent zijn variabel, en de kans dat deze prijs gaat stijgen is bijna 100%. De energieprijs stijgt namelijk al jaren.

U koopt met uw zonnepanelen dus op voorhand een fikse hoeveelheid elektriciteit in tegen een van tevoren vastgestelde prijs. Noem het hamsteren als u wilt. U betaalt vooraf en kunt daardoor tegen een lager tarief inkopen. En het milieu vaart er wel bij. Geen speld tussen te krijgen en voor wie het belangrijk is: Op termijn verdient u ALTIJD geld.

Is het nog zo interessant om te weten hoe lang het duurt voordat u uw investering heeft terugverdiend? Mijns inziens niet, maar dat bepaalt u natuurlijk nog altijd zelf.

ICT Besparing

De hoge scholen en universiteiten van Nederland zijn imposante energieverbruikers. Dat is ook niet zo vreemd, want ze leiden honderduizenden studenten per jaar op.

Het energieverbruik van de instellingen is al eens eerder onder de loep genomen. Zo’n 10 jaar geleden hebben verschillende instellingen afgesproken met hun ministerie dat ze in 2020 zo’n 30% minder energie zouden verbruiken. Dat is een nobel streven.

Wat opviel tijdens een recent onderzoek is dat de scholen in hun jacht naar duurzaam vooral de nadruk legden op gebouwenbeheer, en het energieverbruik door ICT eigenlijk links lieten liggen. En dat is vreemd, want maar liefst éénvijfde van het energieverbuik is ICT gerelateerd.

Onderzoek wijst uit dat de hogescholen met efficiënter PC en serverbeheer 44% kunnen besparen op hun ICT energie, en dat hakt er behoorlijk in. Het is bijna 9% van het totale verbruik.

In de FD selections vandaag een interessant artikel van de hand van Jan Willem Zwang over de prijs van de elektriciteit. Eerst wordt in het artikel duidelijk gemaakt dat we waarschijnlijk in de komende 10 jaar meer stroom gaan opwekken.

Er komen waarschijnlijk kerncentrales bij, er worden door het wegvallen van de SDE minder windturbines geplaatst, er gebeurt ook van alles in de landen om ons heen. Resumerend stelt de auteur m.i. terecht dat het produceren van elektriciteit in de toekomst waarschijnlijk goedkoper gaat worden.

Het interessante stuk van het artikel zit bij het einde. Daar waar geconcludeerd wordt dat het eigenlijk niet zoveel uitmaakt wat de productie van elektriciteit kost. Dat is bij de bedragen die we als consument afrekenen een te verwaarlozen factor.

Wat gaat er gebeuren met de prijs van elektriciteit?

Wat gaat er gebeuren met de prijs van elektriciteit?

De prijs die we betalen is namelijk maar voor een heel klein verwaarloosbaar deel gebaseerd op de kostprijs. Het gaat vooral om hogere energiebelastingen, opslagen voor de SDE+, opslagen voor elektriciteit uit vervuilende kolencentrales, en het afschaffen van de heffingskorting.

Dat alles gaat, ondanks de efficiëntere produktie er ongetwijfeld voor zorgen dat de prijs van elektriciteit gaat stijgen. En daarmee is en blijft het zelf duurzaam produceren een prima optie. En als dan ook nog eens het zelfleveringsmodel zoals voorgesteld door Diederik Samson voet aan de grond krijgt, dan ziet het er zonnig uit voor degenen bij wie duurzaamheid voorop staat.

Bron : Fd

Er wordt nogal wat afgeschreven over duurzame subsidie. Het zou gaan om enorme bedragen die in projecten gepompt worden die nooit rendabel zullen zijn. de waarheid is anders dan de meesten vermoeden.

Zo wordt in de Verenigde Staten maar liefst twaalfmaal zoveel subsidie verstrekt op het gebruik van olie dan op onderzoek naar duurzame energie. Dat blijkt uit een onderzoek van de USV Marshall School of Business.

De onderzoekers melden ook dat het in de Verenigde Staten allesbehalve eenvoudig is om een bedrijf te starten dat zich richt op duurzame industrie. De investeringskosten zijn hoog en de grotere olieconcerns zijn oppermachtig.

Deze conglomeraten zijn ook niet te beroerd om flink te investeren in een lobby tegen duurzame industrie. Zo geeft Exxon in de VS meer geld uit aan het tegenhouden van een Clean-Energy wet dan de gehele duurzame energiesector samen.

Vanaf volgend jaar hebben Nederlanders geen moeite meer met het begrijpen van hun energienota’s. Tenminste dat beweert de Vereniging van Energie Producenten Nederland (Energiened).

Bijna alle energie-aanbieders gaan uniforme rekeningen sturen die beter te begrijpen zijn door consumenten. Zo kan een consument direct zijn wat er betaald wordt voor gas/elektriciteit en hoe hoog de netwerkkosten zijn.

Indien gevraagd gaan de leveranciers informatie verstrekken waarmee de beknopte rekening kan worden nagerekend.

Minstens de helft van de huishoudens in Europa moet binnen vijf jaar gebruikmaken van een slimme energiemeter. Tenminste als het aan het Europees Parlement ligt.

Dat wil middels het Energie Efficiëntie Aktie Plan een totale besparing op het energieverbuik van 20% gaan realiseren. En met slimme meters hebben consumenten een beter zicht op hun verbruik en kunnen dat sneller en beter bijsturen.

Eerdere initiatieven in Nederland voor de plaatsing van slimme meters door bijvoorbeeld Oxxio hebben tot nogal wat weerstand geleid.

Behalve de slimme meters willen de wetgevers in Brussel ook nog extra aandacht voor zonne-energie uit woestijnen in de tropen en Transgreen, een netwerk voor de distributie van duurzame energie.

Goed nieuws voor de bezitters van zonnepanelen. BP, niet de kleinste in energieland, voorspelt dat binnen 10 jaar zonneenergie even veel kost als energie die wordt opgewekt uit fossiele brandstof (lees kolen). En dat is goed nieuws.

BP voorspelt dat de kosten van zonne-energie per jaar 10% gaan dalen en dat tegelijkertijd de opwekkosten van fossiele energie zullen blijven stijgen.

Ook BP blijft investeren in zonne-energie. Na een opwekinstallatie van 200MW wordt dit jaar de capaciteit uitgebreid met nog eens 300MW schone zonne-energie. De BP zonnefarms staan overigens in het Midden Oosten.

Wie meent dat subsidie op windenergie of zonnepanelen veel geld kost, krabt zich misschien achter de oren bij het lezen van het volgende. De landen van de EU subisidëren onrendabele kolenmijnen met een bedrag van 3 miljard euro per jaar.

Subsidie aan onrendabele kolenmijnen wordt eigenlijk gezien als staatssteun en is daarom verboden. Door de subsidie wordt het voor alternatieve schone energiebronnen extra moeilijk om te concurreren met de vervuilende kolen.

Onlangs werd bekend dat ook de Nederlandse staat 200 miljoen spendeert aan subsidie van ‘grijze energie’ bij grote bedrijven.

Na een koude winter is het bijna onvermijdelijk: Er moet worden bijbetaald op de energierekening. Tenminste dat blijkt uit een onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van Essent door RMI.

Zo’n 500 gezinnen werden ondervraagd. Ruim 64% wordt weleens geconfronteerd met een nota voor bijbetaling. Dat kan aardig in de papieren lopen.

De energieleveranciers leveren inmiddels wel de tools om de zaak niet uit de hand te laten lopen. Zo kunnen klanten van Essent nu tweemaandelijks hun meterstanden invoeren op internet. De voorschotten kunnen daarop automatisch worden aangepast, zowel naar boven als naar beneden.

Wie tweemaandelijks zijn standen invoert wordt nooit met hele nare verrassingen geconfronteerd.

Saillant detail is dat slechts eenvijfde van alle huishoudens maandelijks de meterstanden bijhoudt. En dat is niet veel.